machtsafstand

Cultuur dimensies van Hofstede

Na het lezen van dit artikel zal je alles weten over de cultuur dimensies, gemaakt door Geert Hofstede

Vanwege de internationale economie van hedendaags is het belangrijk dat we ook mensen uit andere landen goed begrijpen. Hiervoor heeft Hofstede zijn zogeheten ‘’cultuurdimensies’’ bedacht.

Dit management model leert je om verschillende in culturen beter te begrijpen. Hofstede wist dat culturele verschillen een barrière kunnen vormen voor communicatie en dat ze van invloed kunnen zijn op het vermogen om verbindingen op te bouwen en mensen te motiveren.

De zes dimensies van cultuur van Hofstede

Psycholoog dr. Geert Hofstede publiceerde eind jaren zeventig zijn model over culturele dimensies. Hiervoor heeft hij maar liefst tien jaar onderzoek gedaan binnen een zeer diverse verscheidenheid aan culturen. Sinds de uitbreng van zijn model (cultuurdimensies) is het een internationale standaard geworden om dit model te gebruiken tijdens studies en in organisatie.

Tijdens zijn onderzoek heeft dr. Geert Hofstede onderzoek gedaan voor zijn model in meer dan 50 landen. Hiervoor onderzocht hij voornamelijk mensen die bij IBM werkten.

Aan het begin van zijn onderzoek identificeerde hij vier dimensies van cultuurverchillen, waarna dit er niet veel later vijf werden.

Toen dit model al eens uitgebracht was, werd er nog een zesde dimensie aan toegevoegd. Dit deed hij in samenwerking met Drs Michael H. Bond en Michael Minkov.

De zes culturele verschillen binnen de cultuur dimensies van Hofstede zijn:

  • Machtsafstand (hoog tegenover laag)
  • Mate van individualisme (tegenover collectivisme)
  • Mannelijkheid tegenover vrouwelijkheid
  • Onzekerheidsvermijding (hoog tegenover laag)
  • Oriëntatie op lange of korte termijn
  • Toegeeflijkheid tegenover terughoudendheid

Voor de cultuurdimensies en de indeling van landen hierbinnen, hebben Hofstede, Minkov en Bond ieder land op een schaal van 0 tot 100 ingedeeld op elke dimensie.

Hier kwamen diverse patronen uit voort met daarin overeenkomsten en verschillen voor de zes dimensies.

Diepere uitleg van de zes dimensies

1. Mate van machtsafstand

Deze dimensie verwijst naar de mate van ongelijkheid die bestaat tussen personen in machtsposities en personen zonder machtsposities. Ook acceptatie van ongelijkheid hoort hierbij. Dus in hoeverre is het acceptabel dat er (een bepaalde vorm van) machtsafstand bestaat binnen het bedrijf.

Een hoge mate van machtsafstand duidt aan dat de samenleving in het betreffende land een ongelijke, hiërarchische verdeling van de macht accepteert en dat mensen een grote ongelijkheid accepteren tussen personen met macht in tegenstelling tot personen zonder macht.

Mensen weten zodoende ook beter wat ‘’hun plek’’ is binnen de maatschappij en gedragen zich hier ook naar.

Een lagere scoren op de dimensie machtsafstand geeft aan dat je minder snel verschillen in gedrag ziet tussen machtspersonen en personen zonder macht. Ook wordt hier meer informaliteit geaccepteerd en is de drempel om binnen te stappen bij een leidinggevende vaak lager.

Bij landen waarin de score lager is hebben medewerkers ook vaak het gevoel dat de macht meer verdeeld is en voelen zich hierdoor vaak prettiger. In dergelijke landen accepteert de samenleving ook vaak geen situaties waarin de macht ongelijk verdeeld is.

Nog een nadeel van een hoge machtsafstand: In landen met een hoge machtsafstand kan non-proactief gedrag ontstaan doordat medewerkers geen actie ondernemen als hun baas de leiding niet neemt. Hierdoor kunnen zij gaan denken dat de taak niet belangrijk is. Wanneer medewerkers alleen reageren op situaties waarin de baas het voortouw neemt, kan dit ten koste gaan van de productiviteit.

Kenmerken weinig machtsafstand: veel vrijheid voor het personeel, decentralisatie komt steeds vaker voor, laagdrempelig tussen leidinggevenden en ondergeschikten.

Kenmerken veel machtsafstand: weinig vrijheid voor het personeel, privileges en statussymbolen komen meer voor, centralisatie komt het meest voor, hoogdrempelig tussen leidinggevenden en ondergeschikten.

2. Individualisme vs collectivisme

Deze tweede cultuurdimensie gaat over het principe waarop de maatschappij zich verhoudt tot individualisme tegenover collectivisme. Dit betekent: is een maatschappij (en/of personen) meer gericht op zichzelf als individu of meer gericht op het collectief. 

In individualistische samenlevingen wordt veronderstelt dat personen zich meer richten tot alleen hun eigen directe belangen en familie en in een collectieve samenleving wordt meer gefocust op het bredere perspectief.

In collectivistische samenlevingen worden personen meer tot groepen gerekend die voor elkaar zorgen en hier loyaliteit voor terug krijgen.

Aantal kenmerken collectivisme: persoonlijke relaties gaan voorop en niet de opdracht, gelijkheid is een belangrijke waarde, introversie is meer aanwezig, harmonie moet bewaard worden, geen directe confronteringen.

Aantal kenmerken individualistisch: eerlijk zeggen wat je denkt, vrijheid is een belangrijke waarde, materialisme staat hoog in het vaandel, relaties kies je zelf, persoonlijke relaties komen in verhouding met werk op de 2e plaats, mensen zijn extraverter.

3. Masculiniteit vs feminiteit

Deze dimensie is gericht op het onderzoeken van in hoeverre mensen gericht zijn op “de beste willen zijn” (masculien) of meer te houden van wat je doet (feminien). 

Mannelijke waarden zijn verder: macht, competiviteit, assertiviteit, het vergaren van rijkdom en ambitie hebben. Hier tegenover staan meer vrouwelijk waarden als: solidariteit, dienstbaarheid en bescheiden gedrag.

Wat masculiene landen verder onderscheid ten opzichte van meer vrouwelijke landen is dat de rol verdelingen tussen man en vrouw duidelijk gescheiden is.

Om voorbeelden te noemen wordt Japan als erg masculien gezien en de Scandinavische landen en Nederlands als zeer feminien.

Aantal kenmerken masculiene landen: salaris is belangrijk, uitdaging is belangrijk, werken staat op de 1e plaats, ego’s zijn veelal aanwezig, vrouwen zijn gericht op huishoudelijke taken, mannen dienen gericht te zijn op werk.

Aantal kenmerken feminiene landen: relaties zijn belangrijk, kwaliteit van het leven is belangrijk, ego’s zijn minder aanwezig, vrouwen en mannen dienen beide bescheiden te zijn, ook hogere beroepen weggelegd voor vrouwen.

4. Onzekerheidsvermijding

De mate van odnerzekerheidsvermijding kenmerkt zich door de aanwezigheid of gebrek aan rituelen, formele procedures en wet van regelgeving. Hoe hoger de score op het gebied van onzekerheidsvermijding hoe meer men geneigd is om berekend te werk te gaan tijdens het doen van zaken met het buitenland.

Hiermee kan gesteld worden dat landen die erg hoog scoren op het gebied van onzekerheisvermijding schuwer zijn tegenover buitenlandse relaties en zich ook wel meer bedreigd voelen.

Voorbeeld: mediterrane landen, Belgie en Japan scoren hier erg hoog. Nederland en Duitsland scoren juist relatief laag.

Aantal kenmerken hoge onzekerheidsvermijding: sterke en grote ego’s, onbekende gebruiken zijn gevaarlijk, hoge mate van angst, hogere mate van stress, regels hoog in het vaandel, mensen zijn minder gelukkig.

Aantal kenmerken lage onzekerheidsvermijding: open minded, minder angst, maar ook minder stress, nieuwsgierig naar het onbekende, mensen zijn gelukkiger, weinig regels, geloof in het gezonde verstand.

5. Lange- en kortetermijndenken

Deze dimensie laat zien dat onderzoeken aan tonen of een land meer gericht is op de toekomst (lange termijn) of op het hier en nu (korte termijn). Als het land meer gericht is op de toekomst zullen er meer plannen gemaakt worden voor de toekomst en zullen er daarnaast bijv. ook meer investeringen zijn in onderwijs.

Als een land meer gericht is op het hier en nu is er meer respect voor tradities en wordt er ook meer gefocust op het behouden hiervan. Men denkt aan vandaag de dag en niet aan later. Het is belangrijk vandaag geen gezichtsverlies te leiden voor iets dat in de toekomst waarde kan opleveren.

6. Mate van terughoudendheid

Bij deze zesde dimensie van Hofstede is onderzocht in hoeverre mensen hun verlangens en impulsen proberen te beheersen. Dit is gebaseerd op hoe men is opgevoed. 

Wanneer er binnen een samenleving veel controle heerst op het gebied van het controleren verlangens en impulsen dan heerst hier een hoge mate van terughoudendheid. Deze verlangens en impulsen worden dan sterker door mensen onderdrukt. Hier worden sterke normen en waarden binnen een cultuur/land voor gebruikt.

Bij een samenleving waar weinig controle heerst op het gebied van het beheersen van verlangens en impulsen zijn mensen minder terughoudend. Hier kunnen mensen op dit gebied meer plezier realiseren door hun gevoelens en impulsen de vrije loop te laten gaan.

Laat een reactie achter

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.